Vanaf 1 januari 2029 mag je op de ingangsdatum van je pensioen maximaal 10% van je opgebouwde pensioenpot ineens laten uitkeren. De Eerste Kamer heeft daarvoor onlangs de benodigde wet aangenomen, na een traject dat al in 2021 begon. Je bent vrij om zelf te bepalen waaraan je dit bedrag besteedt: het aflossen van een hypotheek of andere schulden, een verbouwing, of gewoon een financiële buffer om met een gerust hart te starten.
Klinkt aantrekkelijk. En dat is het soms ook. Maar er zijn een paar dingen die je goed moet weten voordat je die keuze maakt.
Hoe zit het precies in elkaar?
De regeling is vrijwillig. Je kunt er ook gewoon voor kiezen om je volledige pensioen als maandelijkse uitkering te blijven ontvangen. Er is geen verplichting om die 10% op te nemen.
Kies je wél voor een eenmalige opname, dan daalt je maandelijkse pensioenuitkering daarna structureel. Dat is logisch: je haalt immers eerder een deel van het opgebouwde kapitaal op. Wat minder mensen direct zien, is dat de uitkering ook gevolgen kan hebben voor toeslagen zoals huur- en zorgtoeslag. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werkt samen met het Nibud aan een rekentool die hier inzicht in moet geven, en die moet beschikbaar zijn vóórdat de regeling in werking treedt.
Verder geldt: kies je voor een opname ineens, dan kun je je pensioenuitkering niet meer laten variëren via de zogenoemde hoog-laagconstructie (de verhouding 100:75). En als jouw keuze invloed heeft op het partnerpensioen, heb je daarvoor toestemming van je partner nodig.
Waarom heeft dit zo lang geduurd?
De Eerste Kamer stemde al in 2021 in met een eerste versie van deze wet. Maar de pensioensector gaf aan dat de uitvoering te complex was om snel in te voeren, zeker in combinatie met de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel. De senaat vroeg om aanpassingen, die zijn verwerkt in de huidige Wet herziening bedrag ineens. Uiteindelijk is 1 januari 2029 als invoeringsdatum gekozen: pas nadat de overgang naar het nieuwe stelsel is afgerond.
Is het uitkeren van die 10% wel zo verstandig?
Dat is precies de vraag die we je als adviseur willen meegeven. Want wat op het eerste gezicht als een mooi extraatje voelt, kan financieel flink doorwerken.
De eenmalige uitkering is geen belastingvrij cadeau. Het bedrag telt mee als inkomen in het jaar van uitkering, en dus ook bij de berekening van je belasting. Afhankelijk van je situatie kan dit betekenen dat je in een hoger belastingtarief terechtkomt, waardoor een groter deel van die uitkering direct naar de Belastingdienst gaat. Ontvang je op dat moment ook andere uitkeringen, zoals AOW, een lijfrente of een andere pensioenuitkering, dan stapelt dat inkomen op. Het netto-voordeel kan dan aanzienlijk kleiner uitvallen dan verwacht, en in sommige situaties verdwijnt het voordeel vrijwel volledig.
Kortom: of de keuze voor een eenmalige opname verstandig is, hangt sterk af van jouw persoonlijke situatie. Je belastingtarief, je andere inkomsten, je toeslagenrecht en je financiële doelen spelen allemaal een rol. Dit is precies het soort afweging waarbij een adviseur het verschil maakt.
Wil je weten of dit voor jou interessant kan zijn?
Meld je dan bij ons. We kijken graag samen met je naar de cijfers, zodat je straks een keuze maakt die écht bij jou past.


